Zeiltochten:

Zeiltocht over het IJselmeer. (van 18 juli tot 24 juli 2005)

Klik voor de route op de kaart.

Het is ongeveer maart 2005. De laatste sneeuw en vorst (voorzover die er geweest zijn) zijn verdwenen. De gedachte aan de zon–, zomer en wind komen weer boven drijven. De boot. Wat moet er dit jaar aan gebeuren? Sowieso moet de onderkant weer in de antifowling en de deurtjes en verdere houtattributen moeten weer gelakt worden. Het weer zit niet erg mee, zeker niet als je afhankelijk bent van de zaterdagen. Het is regelmatig nat weer. Toch lukt het om voor 1 mei de boot klaar te krijgen. Half mei gaat hij het water weer in en traditioneel met ze’n drieën (Sjoerd de Graaf, Jan Smit en W. Broerse) tuigen we de boot weer helemaal op, zodat hij weer vaarklaar is voor de komende zomermaanden. Maar niet alleen de praktische zaken gaan een rol spelen. Ook beginnen de dromen voor de vakantie weken te komen. Welke tocht zullen we zomer eens gaan maken? We zijn in 2003 van Stavoren naar Enkhuizen gezeild, via de noordkant van het IJselmeer naar Makkum en via Stavoren en Lemmer weer naar Oudega. In 2004 zijn we van Stavoren naar Enkhuizen gezeild en daarna via de zuidkant  van het IJselmaar naar Muiden en via Lelystad, Urk en Lemmer weer naar huis. Wat zullen we in 2005 eens gaan doen? Er werd door Sjoerd en mij over nagedacht en gesproken en we kwamen tot het plan eens de westkant te gaan bevaren. Via Lemmer, Urk richting Kampen en dan het Veluwemeer op richting Muiden en dan via Lelystad, Urk en Lemmer terug Friesland weer in. We hadden toen niet in de gaten hoe plannen soms heel anders uitkomen dan onze dromen, maar dat zult u tijdens dit verhaal wel merken. Na in de mei- en junimaand lekker te hebben gezeild op de Friese meren zijn we op 17 juli begonnen de boot gereed te maken voor vertrek. Door bezoek van familie uit Roemenië heeft Sjoerd dit jaar de inkopen gedaan. Dit is hem zeker wel toe te vertrouwen, want als iemand weet wat lekker is dan is hij dat wel. Op de 18 hebben we de bootschappen in de boot gebracht samen met de tassen, regenkleding en dergelijke en zijn we vertrokken richting Lemmer.

De eerste dag

Het was een fantastisch mooi windje uit het west-noordwesten en we konden in één dag via het Snekermeer en Spannenburg naar Lemmer zeilen. Het ging fantastisch en zoals gewoonlijk liet de Friendship zich ook dit jaar weer van de goeie kant zien. Er kon scherp gezeild worden, maar na het Snekermeer tot aan de Uitwellingaasterbrug moest toch de motor oven gebruikt worden. Na een bocht in het Prinses Margrietkanaal en door het draaien van de wind konden de zeilen weer standby gezet worden. Zo zijn we de eerste dag van onze trip naar de Lemmer gezeild. Daar hebben we de eerste nacht doorgebracht. Niet op ons vertrouwde plekje voor de brug “de Zeilroede” want dat was al bezet. Dus maar een plaatsje in de oude jachthaven gezocht. Het was erg rustig in de jachthaven dus plaats genoeg. In de avond hebben we de maaltijd genoten die Joke thuis al voorbereid had. Macaroni a la Joke, altijd weer een feestmaal. In de avond zijn we een wandeling gaan maken door Lemmer. Even door het gezellige centrum met al zijn eethuisjes en cafeetjes met alle drukte daarom heen. Er is altijd wel wat te beleven, zo ook deze keer. Op de terug weg zagen we een schipper van een skûtsje zijn best doen om zijn schip tussen twee andere schepen in te krijgen. Geen kleinigheid want het bleek al snel dat aan de voor en achterkant meer een meter ruimte overbleef. Opeens hoorden we een gekraak, wat zou dat nu zijn? Het bleek dat de schipper geen rekening gehouden had met de vlaggenstok die achter op het roer zat en ja hoor, die knapte af en lag in het water. Aan boort nog wat gedronken en geknabbelt en daarna lekker de kooi in

.De tweede dag

‘s-Morgens om omstreeks half acht werden we wakker. Eerst maar even naar de washokken om te scheren en te verfrissen en daarna een lekker ontbijt aan boort. Het ontbijt is altijd een feestmaal met verse tomaat, kaas en wat dies meer zij. In de werkweek is ontbijt meestal een snelle zaak, maar zo in de vakantie aan boord kun je er rustig de tijd voor nemen. Na het ontbijt ons geestelijk voedsel tot ons genomen. Elk jaar nemen we een bijbels thema mee op vakantie, lezen daar een paar teksten over, schrijven onze gedachten daar over op en bespreken het met elkaar. Een zeer verrijkende bezigheid die afgesloten wordt met gebed. Daarna een bak koffie met wat lekkers erbij (het is dan meestal zo’n elf uur) en dan worden de trossen weer losgegooid. Op naar de Lemster sluis, maar o wat was dat?  

In het Prinses Margriet kanaal begon de motor te sputteren en niet veel later viel hij uit. Opnieuw gestart, maar steeds draaide hij voor enkele ogenblikken en sloeg dan weer af. Dan maar terug naar Lemmer. Gelukkig is er in het begin van Lemmer een brandstofpomp met reparatie afdeling en daar hebben we de motor na laten kijken (dit was ook al in het voorjaar gebeurd). Opnieuw naar de Lemster sluis en nu ging het goed.  Telkens als je in de sluis ligt lijkt het net of ons bootje in het niet valt bij al die grote schepen. Het valt mij wel op dat je vaak meer vriendelijkheid bij de profschippers aan treft dan bij pleziervaart. Ook deze keer was er een schipper van een groot vrachtschip die ons te kennen gaf, dat wij eerst uit mochten varen, dit gaf ons een beetje ruimte en vrijheid. Geweldig schipper!

In de schaduw van de strekdammen buiten de sluis leek alles nog vrij rustig, maar al snel werd het ons duidelijk dat er een strakke wester stond met een kracht van zo’n 6,5. Toch maar doorzetten. Wat de Friendship betreft geen probleem. Op naar de Rotterdamsehoek. Maar hoe verder we kwamen, das te harder begon het te waaien. Richting windkracht 7 tot 7,5. De golven nu pas echt hoog, getuige het springen en dansen van een collega in de buurt van ons. Toen we de Rotterdamsehoek gepaseerd waren moesten we eerst een zuidwesterkoers aanhouden om wat meer ruimte te krijgen om op Urk aan te zeilen. Dit betekende wel dat de FS steeds meer hellen ging. Best wel spannend.

Op het lange eind richting Urk konden we een zuidelijke koers volgen. Het ging supper snel. Binnen de kortste keren waren we ter hoogte van Urk. Maar wat we niet in de gaten hadden was, dat het toen pas moeilijk werd. We hebben zo langzamerhand wel wat ervaring opgebouwd, maar voor ons zijn nog steeds ervaringen nieuw.

We moesten de haven van Urk binnen zien te komen met zo´n harde wind. De snelheid was zo hoog, dat we niet op zeil de haven binnen wilden lopen. We wisten ja niet hoe het in de haven zou zijn? Dus buitengaats de zeilen maar binnen halen. Nu was het met de rolfok zo gedaan, maar het grootzeil werd wat moeilijker. De harde wind stelde de vangtouwen voor het grootzeil buiten werking en ik moest naar de mast om het zeil binnen te halen. Nou, dat heb ik geweten. Ik kan me nu voorstellen waarom zeilers buiten op zee leeflijnen aan moeten hebben. Sjoerd lag op een gegevenmoment dubbel van het lachten om mijn capriolen om staande te blijven. Maar ook voor hem was het niet gemakkelijk de boot met de kop op de golven te houden met deze wind. Na verloop van tijd slaagden we er toch in de boot in de haven te krijgen. Eerst maar even een plaatsje zoeken.

Daar lag hij dan, veilig in de armen van de Urker haven. We werden ontvangen door onze buren in de boot naast ons. De wind was intussen zo hard gaan waaien, dat toen wij de haven binnen voeren de wind als schuurpapier aanvoelde van het zand wat meegevoerd werd van het strandje naast de strekdam.Henny de vrouwelijke persoon had op de dijk naar ons staan kijken. “Hoe durven jullie met zo’n bootje nu op het meer te zijn” riep ze. “Jullie leken meer op een speedboot dan op een zeilboot”, ging ze door. Was het dan werkelijk zo raar gegaan. Ze raakte er niet over uit gesproken, mede omdat zij zelf al een paar dagen in Urk lagen te wachten op beter weer. Ze nodigde ons uit voor een kop koffie en om even bij te komen van deze dag. Nu, eerlijk gezegd hadden we dat ook wel even nodig. We lieten het bakje koffie ons goed smaken en Henny begon al snel te vertellen, aangevuld door haar man, over hun ervaringen met zeilen.  Nu eerst de boot maar klaar maken voor de avond. Dit betekend het zeiltje spannen voor de wind (wat hebben we hier al veel plezier van gehad), de boot goed vastleggen en binnen in de kajuit alles maar eens goed op orde brengen, want met deze wind en deze golven bleef er werkelijk niets op zijn plaats liggen. Daarna heb ik een lekkere maaltijd klaargemaakt en hebben we ons lichaam daarmee versterkt. Na het eten onze traditionele wandeling, dit keer over de dijk om het eten even goed te verwerken en om onze energie even af te reageren. Na nog even de dag te hebben geëvalueerd en nog wat nagepraat te hebben zijn we in de kooi gekropen.

In onze dromen waren we al weer onderweg naar de Randmeren richting Muiden, maar….. dat viel de andere dag zeer tegen.

 

De derde tot en met de vijfde dag

Ja, het klinkt een beetje raar, maar deze dagen hebben we aan de ketting van de wind in Urk gelegen. Het waaide zo verschrikkelijk hard en het bleef waaien, dat het niet vertrouwd was om verder te varen. Verscheidene scheepjes werden met averij binnen gebracht. Sjoerd en ik zijn niet bang uitgevallen, maar waaghalzen zijn we ook niet. Hebben we ons dan verveeld….? Nee hoor, we hebben ons best vermaakt. Soms lijkt het wel of docenten altijd vakantie hebben, maar de vakanties die zij hebben zijn ook wel verdiend, want de jeugd vraagt veel energie. We hebben onszelf er toe gezet van deze rust te genieten.

Dus een bezoekje aan de vuurtoren van Urk, veel wandelen langs de kust en vooral daar genieten van de harde wind en de schepen die toch uitvoeren en de dans der golven dansten. Werkelijk prachtig om te zien. Urk is een gezellig stadje met veel oude straatjes en gebouwen, echt een karakteristiek vissersdorpje. Als je je ogen de kost geeft zie je elke keer wel weer wat nieuws. Jammer, het doel van

Niet verantwoord om te vertrekken. Dus maar afwachten. Gelukkig waren onze buren zeer vriendelijk en trakteerden ons op een glaasje wijn of fris en soms een krantje. Ons jaarlijkse appelgebak met slagroom en cappecino hebben we maar in Urk genoten. Ook was het Henny die elke avond en elke morgen de nieuwsberichten door kwam geven van Radio Scheveningen. Hier waren we werkelijk heel blij mee, want niets is beter betrouwbaar dan die berichten. Toen we donderdagavond in de kooi kropen zaten we echt wel in spanning hoe we nu terug moesten komen om op tijd thuis te zijn. De berichten waren volgens Henny een beetje gunstiger. Het zou een windkracht 6 tot 6,5 worden en daarmee durfden wij de oversteek wel te maken. Henny en haar man durfden hete echter nog niet aan. Maar goed eerst nog maar even in de kooi en dan zien we morgen wel weer.

 

De zesde dag

Op de morgen van de zesde dag werden we wakker met het gevoel dat de wind voor nog geen meter was gaan liggen. Soms leek het echt wel of het nog harder was gaan waaien. Maar het blijkt dat je na een aantal dagen gaat wennen aan de wind want eenmaal buiten gekomen bleek het inderdaad wat rustiger te zijn. Wat we op de heenreis niet gedaan hadden (stom natuurlijk zoals mijn vrouw voor de telefoon zei) zouden we dit keer wel de nieuw gekochte zwemvesten aandoen. Maar zover was het nog niet. Eerst wassen, scheren, aankleden en ontbijten, daarna ons bijbeluurtje en vervolgens boodschappen doen. Alles nagekeken of alles goed vast en stevig was en toen vol spanning de touwen los. Henny waarschuwt ons voor de laatste keer, geeft Sjoerd nog even een krant over en deelde ons mee dat ze nog even op de dijk ons uit zou zwaaien. De wind zou in de middag nog wat rustiger worden zei ze. En ja hoor…. daar gingen we Op de motor  de haven uit en toen eerst maar even de fok uit. Eens kijken wat de FS daar mee zou doen. We hadden het grootzeil gereefd en hebben dat er vervolgens ook bijgezet, nadat we de fok een eindje terug gezet hadden. 

onze reis, meerdere van deze plaatsjes bezoeken langs de Randmeren moesten laten varen. Zeker toen het naar de vrijdag begon te trekken. Sjoerd wilde zondag op de dag thuis komen, omdat hij in onze zeilweek jarig was en zondag visite verwachte. Dit zou haast nog in het gedrang komen want de wind bleef maar aanhouden op een sterkte van windkracht 7, 7,5 met uitschieters naar 8.

‘s-Morgensvroeg hadden we al een grote thermoskan koffie gezet, zodat we onderweg op tijd een kopje koffie konden nemen zonder te veel capriolen te hoeven maken. Ook hadden we al wat brood klaar gemaakt en dat was maar goed ook anders hadden we niets te eten gekregen tijdens de tocht. De wind bleef op sterkte en was noord soms noord-noord west. Dit was ook de oorzaak van het feit dat we een aantal keren een slag west moesten maken, anders kwamen we te dicht onder de kust. De boot danste weer kranig op en neer, maar de snelheid was geweldig. Het competitiegevoel kwam al snel boven drijven toen wij enkele medezeilers kregen. De andere boten van ongeveer het zelfde type moesten het wel afleggen tegen de zeilkwaliteiten van de Friendship. De snelheid was zo geweldig dat wij in een dag van Urk, via Lemmer naar Terhorne gezeild zijn. We waren er zo vroeg dat we op het Snekermeer nog even een paar slagen gezeild hebben. Toen door de sluis van Terhorne en daar de laatste nacht doorgebracht, nadat we heerlijk gegeten hebben bij Postuma aan de haven. Een goede keuken en voldaan na onze wandeling door Terhorne zijn we gaan slapen.

 

De zevende dag

Een goede nachtrust, lekker na liggen dromen van de afgelopen week en dan de laatste morgen. Het ritueel van wassen, ontbijten en bijbellezen. Deze morgen zou Joke mijn schoonzoon uit Roemenië brengen.

Peter zou het laatste gedeelte met ons meezeilen. Het was zijn eerste keer in een zeilboot en hij had er natuurlijk heel veel zin aan. Rond 10 uur kwamen ze aan en op dat moment waren wij klaar met onze voorbereidingen. Peter kwam aan boord, Joke weer richting Drachten en wij richting Grou. Opnieuw een prachtige wind vanuit het westen. Dit betekende dat wij waarschijnlijk de hele weg tot aan Oudega zouden kunnen zeilen. Fantastisch wat een prachtige laatste dag van onze zeiltrip.